Sytze Steenstra Blog

Archive for augustus 2011

Drie voorbeelden van recalcitrant plezier (ten koste van doelgroepcommunicatie)

with one comment

Bestaat er iets ergers, iets akeligers, dan communicatie? Contact, maar dan via een serie routineuze bewerkingen veranderd in een mistwolk van projecties die steeds groter en ondoorzichtiger wordt?

“Enerzijds is het logisch dat een communicatieve uiting gericht is op een gevoel van identificatie bij de doelgroep.”

Dat is de beginzin van een reactie die onlangs iemand op dit blog plaatste (bij ‘reclame voor ziekte’). Ik ben altijd licht geschokt en een ietsiepietsie geïntimideerd als iemand zulke formules uit zijn hoofd blijkt te kennen. De richting op een gevoel van identificatie is logisch! Er bestaan dus mensen voor wie de mysteries van communicatie gesneden koek zijn. Communicatie-experts, communicatie-adviseurs, communicatiestrategen die de communicatiemix optimaliseren en het resultaat doorgeven aan de communicatie-marketingmanager. (Communicatiejargon is een bibelebontse pap.)

“Enerzijds is het logisch dat een communicatieve uiting gericht is op een gevoel van identificatie bij de doelgroep.” Er is geen woord in deze toverspreuk dat niet een ergerlijk bedrog in zich bergt.

communicatieve uiting” – dat is iets anders dan een parapluterm waaronder algemeen menselijke bezigheden als praten, aanraken, zingen en dansen, een tekening maken, schrijven, voor mijn part ook een foto nemen enzovoorts schuilgaan. Een communicatieve uiting is een boodschap die niemand persoonlijk voor zijn of haar rekening neemt, een product, en meestal een product waaraan de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever en de omstandigheden waaronder het tot stand is gekomen niet duidelijk en compleet zijn af te lezen. “Communicatieve uitingen” vormen een groot deel, allicht de meerderheid, van alles wat we lezen, van alle afbeeldingen die we zien, van alle muziek die we horen. Communicatieve uitingen maken er aanspraak op deel uit te maken van menselijk contact, communicatie als een soort natuurlijk proces, zo rechtstreeks als de communicerende vaten uit de natuurkundeles, zo onvermijdelijk als de mysterieuze communicatie die een werkelijke gemeenschap vooronderstelt, zoals de heilige communie in het katholicisme of zoals het communisme in de utopische opvatting van de geschiedenis, of, voor wie moeite heeft met het geloof in deze twee, in een kunstwerk op het moment dat het iemand werkelijk aanspreekt. Maar de vuistregel is dat communicatieve uitingen meer verdonkeremanen dan ze blootleggen. Zoals het CDA geheimhoudt wie die 100.000 euro voor de verkiezingscampagne heeft geschonken. Zoals geen enkele verpakking in de supermarkt een indruk geeft van de werkelijkheid van de massale fabricage van al die producten (zie de documentaire “Our Daily Bread” (2005) van regisseur Geyrhalter, of het televisieprogramma “Keuringsdienst van Waarde”). Zoals geen enkel format van de commerciële televisie erop gericht is de veelzijdigheid en tegenstrijdigheden van de werkelijkheid over het voetlicht te brengen.

“logisch” –wie er vanuit gaat dat “een communicatieve uiting” plaatsvindt als een een zender een boodschap stuurt naar een ontvanger kan het vanzelfsprekend vinden dat de zender mag beslissen hoe de boodschap er uit ziet. Logisch, toch? Die betaalt er toch voor? Maar het is zeker zo logisch er van uit te gaan dat een boodschap ergens over gaat en dat dat onderwerp tot zijn recht moet komen. Logisch, toch? Daar gaat het toch over?

“enerzijds” – betekent altijd dat de keerzijde al ongeduldig staat te trappelen. Enerzijds, anderzijds, zender, ontvanger, opdrachtgever, doelgroep. Er zijn altijd twee kanten, eenieder moet zijn plaats kennen. Maar wie ontvanger was kan zender worden, communicatie kan in twee richtingen tegelijk verlopen; “tertium datur”: de hele logica die hier wordt geponeerd is te beperkend om waar te zijn.

“doelgroep” – iedere Nederlander is dagelijks meermalen onderdeel van een aantal wisselende doelgroepen, denk ik zo.  Daar kies je zelf niet voor, dat wordt voor je bepaald. Er bestaat geen register van doelgroepen waarbij je je kunt uitschrijven, zoals je kunt aangeven dat je niet telefonisch lastiggevallen wilt worden door marketeers en zoals je SPAM kunt laten wegfilteren. Als doelgroep ben je het machteloze mikpunt van communicatieve uitingen, wen er maar aan, het duurt per keer vaak maar heel even.

“gericht op een gevoel van identificatie” – in het vervolg van deze reactie op mijn blog gaat het ook nog over “gewenst zelfbeeld” en “werkelijk zelfbeeld”. Maar het gaat er natuurlijk om dat de doelgroep om te beginnen is geïdentificeerd – door de communicatie-experts, die handelen naar de wensen van de betalende opdrachtgever. De doelgroep is een projectie – door die experts, het zelfbeeld van de doelgroep is opnieuw een projectie. Mensen kunnen zich identificeren met alle mogelijke en onmogelijke entiteiten (Walter Benjamin verbande om die reden het begrip “identiteit” uit zijn werk.) Het “gevoel van identificatie” gaat gemakkelijk ten koste van de waarheid van het onderwerp, en uiteindelijk ook ten koste van de doelgroep.

Wat kun je beginnen tegen het gegeven dat communicatie praktisch een synoniem is geworden voor min of meer subtiele manipulatie? Mijn antwoord voor vandaag is: plezier hebben in het werk van mensen die de veel te gladde en gemakkelijke “identificatie” als doel en grondslag van communicatieve uitingen ondergraven. Drie casestudies.

1)            Jelly Roll Morton: “I Hate A Man Like You”. Een opname die is gemaakt door “muziekjager” Alan Lomax in 1938. Ik ken hem van een dubbel-CD, “Alan Lomax: Blues Songbook”, en iedere keer dat ik dit hoor spits ik mijn oren en ga ik rechtop zitten. Omdat “Jelly Roll” (!) Morton in zijn (zelfgeschreven) lied als man het standpunt inneemt van een vrouw die in een verkeerd en ongelukkig huwelijk is verzeild? Vanwege de vertraging aan het begin, vanwege het moment dat Morton van zingen overgaat in declameren, vanwege de hartstocht gemengd met resignatie in zijn stem, de niet weg te cijferen mogelijkheid dat hij zelf wel eens zo door een vrouw verwenst is en zich daar heel goed van bewust is? Je ne sais quoi. Hetzelfde liedje is ook gezongen door Lizzie Miles, met Jelly Roll Morton als pianist (te vinden op YouTube), maar die versie doet me veel minder.

http://www.archive.org/details/JellyRollMorton-IHateAManLikeYou.

2)            Richard Thompson: “Oops, I Did It Again”. Een hit van Britney Spears, een van die popsterren bij wie communicatieve uiting, commercie, persoonlijkheid en levensloop één hopeloze onontwarbare kluwen vormen: haar sexy poses, haar geadverteerde maagdelijkheid, haar huwelijken, haar problemen, afkickklinieken en hits zijn nauwelijks uit elkaar te houden. Kijk zo nodig eerst even op YouTube hoe Spears het liedje danst, zingt en hijgt, en dan naar Thompsons versie, in zijn sobere nuchterheid een rake parodie op de muziekindustrie (sector gevoels- en identificatie-industrie).

http://www.youtube.com/watch?v=rAS4ltt7DzI.

3)            Ron Vawter: “I came to say goodbye”. Een video van The Wooster Group uit 1993 waarin Vawter (1948-1994) afscheid neemt: in zijn rol als Vershinin in deze bewerkte versie van Tsjechovs “Drie Zusters”, en als acteur die glycerine in zijn ogen doet om te kunnen huilen. En bovendien als zichzelf, als acteur die AIDS heeft, ernstig ziek is en niet weet hoe lang hij nog zal kunnen werken, die afscheid neemt van de wereld, van het leven. En als lid en mede-oprichter van The Wooster Group die er een eer in stelt communicatieve uitingen tegen zichzelf te keren (vergeef me deze versimpeling). Moeilijk om naar te kijken, maar vanwege de trots en de onverzettelijkheid die er uit spreken toch ook wel degelijk een recalcitrant plezier.

http://thewoostergroup.org/blog/2011/04/30/from-the-archives-ron-vawter-i-came-to-say-goodbye-from-fish-story-1994/

Dr. J. Schweers en drs. P. van Vianen: Natuurkunde op corpusculaire grondslag. Deel 1

Advertenties

Written by sytzesteenstra

4 augustus 2011 at 20:00